Vakken

Hier leest u over welke vakken en vaardigheden uw kind leert op De Bonte Tol

Vakken

Nederlandse taal en lezen

Nederlandse Taal en Lezen

Groep 1/2
In de kleutergroepen wordt gewerkt vanuit een beredeneerd lesaanbod, waarbij we werken aan de doelen vanuit het leerlingvolgsysteem Kijk! en waarbij we gebruik maken van de projecten van Kleuteruniversiteit.

In ieder project staat een prentenboek centraal. Vanuit dit verhaal worden de taalactiviteiten vorm gegeven.  

Met behulp van Kijk! wordt de taalontwikkeling van de kleuters gevolgd. Er wordt geoefend met het onthouden van visuele en auditieve informatie, het zien en horen van verschillen en overeenkomsten, het rijmen en werkt toe naar het beginnend lezen van eenvoudige woordjes. Er is veel aandacht voor de mondelinge taalontwikkeling van de kinderen. In elk thema wordt veel gepraat en geluisterd, worden verhalen verteld, klanken en letters besproken en worden kinderen gestimuleerd om te krabbelen en te schrijven. Het leren van de letters wordt ondersteund door de klankgebaren van spreekbeeld. Hierbij worden specifieke letters gekoppeld aan een gebaar, wat kleuters helpt om de abstracte letters beter te onthouden.

Vanuit KIJK! is er een soepele overgang naar de methode Veilig Leren Lezen KIM versie in groep 3.

Groep 3
Met Veilig leren lezen kim-versie verkennen kinderen alle eigenschappen van een letter. Ze luisteren naar de klank, voelen wat er gebeurt met hun mond, lippen, neus of keel bij het uitspreken van de letters, bekijken de vorm, en schrijven de letters na. Met Veilig leren lezen krijgen leerlingen steeds één nieuwe letter aangeboden. Hiermee oefenen ze in wisselende combinaties met letters die ze al kennen. Ze blijven de nieuwe letter herhalen in woorden en zinnen.

Veilig leren lezen kim-versie biedt lezen en spelling doelbewust geïntegreerd aan. Door de gelezen woorden direct te leren spellen wordt de natuurlijke samenhang zichtbaar voor leerlingen. Tijdens het spellen moeten leerlingen elke klank actief omzetten in een letter, wat het inslijpen van sterke tekenklankkoppelingen bevordert.
Veilig leren lezen werkt met kernen waarin steeds een ander thema centraal staat. Elke kern begint met een ankerverhaal waarmee het thema geïntroduceerd wordt. 

Taal/ spelling
Vanaf groep 4 tot en met groep 8 gebruiken we de methode TaalActief. Dit is een geïntegreerde methode voor taal, spelling en woordenschat. Door de vele verschillende activiteiten speelt de methode in op de uiteenlopende interesses en leerstijlen van kinderen. Door deze keuzeactiviteiten en het zelfstandige werken kan er tijdens de lessen goed worden gedifferentieerd.

Technisch lezen
De groepen 4 t/m 8 werken met de nieuwe methode ‘Flits’ voor technisch lezen. Deze methode bestaat uit een werkboek, een flitsboekje en ‘samenleesboeken’.
In het werkboek werken de kinderen zelfstandig of met de leerkracht samen aan opdrachten waardoor ze goed, vlot en vloeiend leren lezen. Daarnaast wordt er veel aandacht besteed aan de leesmotivatie. Met het flitsboekje oefenen de kinderen het tempolezen. Met de ‘samenleesboeken’ lezen de kinderen hardop samen met een maatje.

Begrijpend lezen
Goed kunnen begrijpend lezen is een belangrijk ingrediënt voor schoolsucces. Daarom is onze missie om kinderen zo goed mogelijk te leren begrijpend lezen. Wij werken met de methode Nieuwsbegrip. Iedere week oefenen we een leesstrategie met behulp van de actuele teksten van Nieuwsbegrip. De volgende leesstrategieën komen aan bod: samenvatting, ophelderen en verduidelijken, voorspellen, vragen stellen en verbanden leggen.

Naast deze taalmethodes gebruiken we voor alle groepen en niveaus computerprogramma’s die aansluiten bij de methodes en zijn er veel verschillende taalspelletjes in de klassen aanwezig. Ook vullen we ons taalonderwijs aan met taalactiviteiten spreekbeurten, boekbesprekingen en moeten de kinderen op andere manieren presentaties verzorgen.

Rekenen

Rekenen

Elke schooldag staat ongeveer een uur rekentijd op het programma. De ene dag is het een instructieles, de andere dag een les om zelfstandig te maken. Ieder kind maakt rekenwerk op zijn of haar eigen niveau. Daarnaast krijgen enkele kinderen extra instructie en sommigen extra verrijking.

Tijdens de rekenles oefenen we diverse vaardigheden, wisselen we strategieën uit en proberen we inzicht te krijgen. Elke 3 weken nemen we een toets af.

Dagelijks automatiseren de leerlingen ongeveer 10 minuten, dit oefenen moet goed onderhouden worden. Bij moeilijke sommen kun je de geautomatiseerde sommen namelijk goed gebruiken!

Zaak- en expressievakken

Zaak- en expressievakken: het International Primary Curriculum (ICP)

Op De Bonte Tol werken de groepen 3 t/m 8 voor de wereld oriënterende en kunstzinnige vakken met het IPC. Het International Primary Curriculum is een integraal, thematisch en creatief curriculum waar de creatieve en zaakvakken zijn geïntegreerd en dat volledig draait om het leren.
Het IPC heeft ook een internationaal perspectief; het helpt de kinderen verbanden te leggen tussen het geleerde en hoe dit toegepast kan worden in eigen land en kijkt tevens naar het perspectief van mensen in andere landen. Wilt u meer lezen over IPC klik dan hier.

Naast IPC bieden we op school ook ieder jaar gastlessen uit het Kunstmenu aan.

Verkeer

Verkeer

Bij de verkeerslessen werken wij met de verkeerskranten van 3VO. Dit zijn theoretische verkeerslessen. In groep 7 wordt het landelijk verkeersexamen afgenomen. Dit kent een theoretisch en een praktisch deel.  Daarnaast krijgen de leerlingen minimaal drie keer per jaar een praktijkles op de fiets.

Sociaal emotionele ontwikkeling

Sociaal emotionele Ontwikkeling

Met behulp van de methode “TA4kids” hopen we dat de kinderen gaan toepassen wat ze leerden in de lessen. In de methode zit een leerlijn voor de groepen 1 t/m 8. Voorbeelden van thema’s zijn: zelfvertrouwen en weerbaarheid, gevoelens van zichzelf en van anderen, conflicten oplossen, waarden en normen, enz.

In de kleutergroepen leren de kinderen bijvoorbeeld hoe ze een ander kind een compliment kunnen geven over een mooie knutsel. In de middenbouw leren ze een compliment te geven aan iemand die iets goed kan. In de bovenbouw kan een kind een compliment geven over hoe iemand is.

De les begint met een probleemstelling, deze wordt verteld of uitgespeeld. Vervolgens gaan de kinderen oplossingen bedenken en uitproberen door bijvoorbeeld een rollenspel. Tijdens de afsluiting van de les wordt de klas aangemoedigd de geleerde vaardigheden ook tijdens andere situaties (thuis of op school) te gebruiken. In de volgende weken wordt regelmatig teruggekeken op deze les.

HVO/GVO

HVO/GVO

Binnen het bestaande lesrooster is er op De Bonte Tol voor de kinderen van groep 6, 7 en 8 de mogelijkheid om één lesuur per week Godsdienstig VormingsOnderwijs (GVO) of Humanistisch VormingsOnderwijs (HVO) te volgen. Deze lessen worden gegeven door vakleerkrachten van buiten de school en de kosten worden vanuit een gemeentelijke subsidie betaald.

HVO: Humanistisch VormingsOnderwijs

Levensbeschouwelijke vorming in humanistisch perspectief.
Humanistisch vormingsonderwijs (HVO) is een levensbeschouwelijk vak dat op ongeveer eenderde van de openbare en algemeen bijzondere basisscholen in Nederland binnen schooltijd als keuzevak wordt aangeboden. Het gaat meestal om drie kwartier per week per groep, in een enkel geval één tot twee lesuren per week. Op sommige scholen wordt HVO alleen in groep 7 en 8 gegeven, op andere scholen vanaf groep 3 tot en met 8.

Inhoud

In het HVO worden jonge mensen begeleid bij het ontwikkelen van een eigen waardebesef en een eigen levensovertuiging door hen op een kritische en creatieve manier te leren omgaan met vragen over normen, waarden en levensovertuiging. In de HVO les onderzoeken leerlingen samen hun eigen ervaringen en ideeën, leren ze zelf keuzes maken en verantwoorden, worden ze aangemoedigd te communiceren over wat ze denken, voelen, willen en doen. Hierdoor kan iedere leerling ervaren wat waardevol is aan het bestaan.

Het herkennen en bespreken van kleine of grote dilemma’s is een belangrijk aandachtspunt bij HVO lessen. Het onderzoeken van morele vraagstukken stelt kinderen in de gelegenheid om eigen waarden en normen te ontwikkelen. Een voorbeeld van een moreel dilemma waarmee leerlingen te maken kunnen krijgen is het volgende: De pen van de meester is gestolen. Jij hebt gezien dat je beste vriend dat heeft gedaan. De meester vraagt aan de klas of iemand er iets van weet. Wat doe je, klik je of lieg je tegen de meester?

Er zijn veel meer thema’s die in de loop van het HVO jaar de revue passeren. Thema’s als anders zijn, buitengesloten worden, pesten, jaloers, arm en rijk, feest en verdriet komen aan de orde op het moment dat er bij de leerlingen vragen zijn.

De HVO leerkracht is gespecialiseerd in het begeleiden van bovengenoemde onderzoeken. Ze is in staat een variatie aan werkvormen in te zetten en in te spelen op actuele vragen en problemen van leerlingen. De HVO leerkrachten proberen zoveel mogelijk aan te sluiten bij de belevingswereld van de leerlingen en de groep. Het uitspelen, herkennen en bespreken van kleine of grote dilemma’s stelt kinderen in de gelegenheid om eigen waarden en normen te ontwikkelen.

In groep 6,7 en 8 worden de leerlingen in de gelegenheid gesteld om één keer per week lessen godsdienstig vormingsonderwijs te volgen. Deze lessen duren drie kwartier en worden gegeven door vakdocenten. Het volgen van deze lessen geschiedt op vrijwillige basis en er zijn geen kosten aan verbonden. Ouders geven telkens toestemming voor één jaar. Leerlingen die niet meedoen aan dit programma gaan in hun eigen lokaal met ander werk aan de slag.  De leerlingen die wel meedoen missen geen essentiële lessen. 
 
Het doel van het vormingsonderwijs is dat leerlingen werken aan hun identiteit en dat ze hun plek vinden in onze diverse samenleving. Dat zij personen worden die nadenken en met anderen kunnen samenleven.  Met (bron)verhalen, vaardigheden en ideeën die ze tijdens onze lessen opdoen staan de leerlingen steviger in hun schoenen. Ze leren om hun eigen afwegingen te maken en hun eigen mening te formuleren. De vakdocent inspireert de leerlingen om een eigen kijk op het leven te ontwikkelen. De vakdocenten leggen het accent op een levensbeschouwelijke traditie, waarin ze zelf thuis zijn. Maar ze hebben een open houding naar andere tradities. De docenten stimuleren de leerlingen om een eigen levensbeschouwelijke houding te ontwikkelen en dragen bij aan begrip, waardering en respect voor anderen. In de lessen is er plaats voor het onderzoeken van de overeenkomsten en verschillen tussen verschillende levensbeschouwingen. Zo worden kinderen voorbereid op hun eigen rol in de pluriforme samenleving. Bij ons op school werkt een protestantse vakdocent.
Meer informatie kunt vinden op www.vormingsonderwijs.nl

 

Beweging

Bewegingsonderwijs

De kleuters ‘bewegen’ twee keer per dag. Op maandag/dinsdag is er in het speellokaal een gymles met kleine materialen, of een spelles en op donderdag is er kleutergym met de daar aanwezige grote gymtoestellen en –materialen. Ook spelen de leerlingen geregeld buiten op het plein.
De kinderen van groep 3 t/m 8 krijgen wekelijks twee keer gymles in de gymzaal.